Direct naar inhoud

“Verouderde digitale systemen bepalen wat de politiek nog kan”

Geplaatst in thema
Bestaanszekerheid
Gepubliceerd op:

We merken niet veel van IT in een organisatie, als we ons werk maar kunnen doen. Maar zodra systemen vastlopen, kan dat grote gevolgen hebben. Dat geldt ook voor Nederland, waar innovatie en IT steeds vaker een sluitpost lijken te zijn. Het kan en moet anders, vindt Onno Eric Blom van Delta Instituut. Hij duikt met ons in drie prangende thema’s.

Delta Instituut is een onafhankelijke denktank die zich inzet voor een sterke digitale overheid en een innovatieve economie die het algemeen belang dient.

1. Geen simpele software-update

“Digitale diensten zijn de ruggengraat van de overheid. Als die goed werken, kunnen burgers eenvoudig hun zaken met de overheid regelen: een verhuizing doorgeven, je belastingaangifte doen of het aanvragen van studiefinanciering. Ambtenaren willen graag dat alles goed werkt, maar zitten in hun maag met sterk verouderde systemen. In de loop der jaren zijn er steeds nieuwe onderdelen aan toegevoegd. Een kleine aanpassing kan al grote gevolgen hebben;  een systeem kan dan als een kaartenhuis in elkaar storten.”

“Helaas is het daarom geen kwestie meer van alleen de software updaten: de hele organisatie moet een update krijgen en anders gaan werken. Nu kan het bijvoorbeeld zo zijn dat een verandering in het belastingstelsel niet doorgevoerd kan worden, omdat de systemen van de overheid het niet aankunnen.”

2. De gebruiker centraal stellen

“Een oplossing is om steeds te vragen: voor wie maken we deze digitale overheidsdienst? Stel de gebruiker centraal, test de dienst tijdens de ontwikkeling en verbeter wat niet werkt. Dat is een veelgebruikte manier van werken bij innovatieve start-ups en kan ook de overheid veel opleveren.”

“De overheid werkt nu bij veranderingen vaak stap voor stap, of zoals in IT-jargon, als een ‘waterval’: eerst neemt de Tweede Kamer een besluit, daarna gaat een uitvoeringsorganisatie ermee aan de slag en pas later wordt gekeken welke IT nodig is. Tegen die tijd liggen belangrijke keuzes vaak al vast. Als IT-experts vanaf het begin meedenken, voorkom je dat er eisen worden bedacht die technisch niet uitvoerbaar zijn.”

“Je kunt ook een eerste versie van een idee bouwen en die testen met de mensen die ermee moeten werken, voordat het naar de Kamer gaat. Met AI kun je zo’n eerste versie, een prototype, tegenwoordig snel maken en uitproberen. Er is eigenlijk geen goede reden om dat niet te doen.”

3. Innovatie voor de maatschappij

“Wat als een innovatie niet direct interessant is voor het bedrijfsleven, maar wél positieve impact kan hebben op de samenleving? Op dit moment is er in Nederland nog geen instantie die dit soort ‘disruptieve innovatie’ oppakt. Zo financierde in Amerika de overheid al vroeg onderzoek naar mRNA, een nieuwe technologie voor de ontwikkeling van medicijnen en vaccins. Die kennis speelde later een belangrijke rol bij de ontwikkeling van mRNA-vaccins.”

“In Nederland kun je bijvoorbeeld denken aan AI-sensoren die landbouwers kunnen helpen. Op dit moment is het gebruikelijk om grote stukken land met één gewas te beplanten. Efficiënt, maar funest voor de biodiversiteit. Een oplossing zou zijn om allerlei gewassen door elkaar te planten. Hoe oogst je dan nog efficiënt? Dat zou met AI-sensoren kunnen. Zo behoud je de opbrengst en boek je tegelijkertijd grote winst voor de biodiversiteit.”

“Voor een commercieel bedrijf is zo’n idee misschien nog te onzeker, terwijl het voor de samenleving veel kan opleveren. De overheid kan hiervoor een eerste proef ontwikkelen en testen. In het huidige regeerakkoord is, mede door onze inbreng, de oprichting opgenomen van het Nationaal Agentschap voor Disruptieve Innovatie (NADI).”

Hoe werkt Delta Instituut

Delta Instituut laat zien hoe de overheid sterker kan worden door de manier van werken uit de technologie en wetenschap naar Den Haag te brengen: experimenteren, testen en steeds verbeteren. Ook denkt het instituut kritisch mee over plannen van de Tweede Kamer. “De Kamer is als een voetbalcoach die een team coacht dat hij nooit ziet spelen”, meent Onno. Ambtenaren mogen namelijk niet zomaar met de Kamer overleggen, terwijl de Kamer wel beslissingen neemt over IT-projecten die ambtenaren moeten uitvoeren. Medewerkers van het instituut werken samen met ambtenaren op ministeries. Zo zien ze wat er in de praktijk misgaat en kunnen ze helpen om daar oplossingen voor te vinden.